Onderwerp zoeken?

Typ hier uw onderwerp in

Home > Nieuws > Vraag & antwoord: Scholen weer open, wat betekent dit?

Vraag & antwoord: Scholen weer open, wat betekent dit?.

23 februari 2021 Nieuws
scholen gaan weer open

Voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs gaan vanaf 1 maart weer open voor alle leerlingen. Ook mbo's gaan weer van start. Basisscholen en kinderopvang gingen eerder weer volledig open.

Deze maatregelen roepen bij ouders vanzelfsprekend veel vragen op. Hieronder vindt u per categorie de antwoorden op veelgestelde vragen.

Dit is het laatste nieuws. De informatie op onze website wordt continu bijgewerkt.

Bijgewerkt: 25-02-2021 om 09:45 uur

Middelbare scholen gaan en basisscholen zijn open. Wat nu?

Uit het OMT-advies blijkt dat het verantwoord is dat het voortgezet onderwijs vanaf 1 maart weer open gaat. Mits er aan enkele voorwaarden voldaan wordt.

Leerlingen mogen mimimaal 1 dag per week naar school en zoveel meer als verantwoord is. De regel om anderhalve meter afstand te houden, geldt voor de gehele school.

Uit het OMT-advies blijkt dat het verantwoord is dat het primair onderwijs vanaf 8 februari weer open gaat.

Er komen extra maatregelen om risico van verspreiding van het virus op scholen verder te beperken. Na overleg met de onderwijspartners worden ook de richtlijnen voor scholen aangepast. Meer informatie hierover volgt zo snel mogelijk. Op zeer korte termijn wordt gestart met de eerste sneltesten voor leraren in het basisonderwijs. Zo kunnen besmettingen snel worden opgespoord. Ook worden er voorbereidingen getroffen zodat uiteindelijk alle basisschoolleraren gebruik kunnen maken van sneltesten.

  • Examenleerlingen;
  • Beroepsgerichte praktijklessen;
  • Schoolexamens voor voorexamenleerlingen;
  • Leerlingen die zich in een kwetsbare positie bevinden. Voor deze laatste groep maakt de school de afweging om welke leerlingen het gaat. Net als in het voorjaar gaat in ieder geval om leerlingen voor wie thuis geen veilige of goede basis biedt, nieuwkomersleerlingen.

Op de middelbare school geldt de anderhalve-meter-regel.

In principe wel, maar de invulling ervan is aan de school. Mogelijk krijgen de leerlingen huiswerk mee. Online lessen of andere vormen van afstandsonderwijs bieden de kans om toch onderwijs te geven aan leerlingen die niet fysiek op school aanwezig zijn.

Voor examenleerlingen in het voortgezet onderwijs geldt dat de school de verplichting heeft om onderwijs aan te bieden.

Leerlingen die thuis geen laptop, tablet of internet tot hun beschikking hebben, worden daarin ondersteund door hun school en gemeente.

Ouders met cruciale beroepen kunnen gebruik maken van de noodopvang. Door deze noodopvang kunnen zij gewoon naar hun werk en bijdragen aan het draaiend houden van de samenleving. Het gaat hier om beroepsgroepen die in de huidige omstandigheden vragen om continue bezetting. Bekijk de lijst met cruciale beroepen.

Specifieke informatie voor het basisonderwijs

Alle basisscholen zijn weer volledig open. Er zijn extra maatregelen om risico van verspreiding van het virus op scholen verder te beperken. Na overleg met de onderwijspartners worden ook de richtlijnen voor scholen aangepast. Meer informatie hierover volgt zo snel mogelijk.

Er zijn sneltesten voor leraren in het basisonderwijs. Zo kunnen besmettingen snel worden opgespoord. Ook worden er voorbereidingen getroffen zodat uiteindelijk alle basisschoolleraren gebruik kunnen maken van sneltesten.

  • Besmettingen met het coronavirus van leerlingen en onderwijspersoneel worden gemeld bij de GGD;
  • Contacten tussen leerlingen en onderwijspersoneel worden beperkt door bijvoorbeeld pauzes en begintijden anders te plannen;
  • In de groepen 4, 5 en 6 is het advies om groepjes van 5 kinderen te maken, die bij elkaar in de buurt mogen komen. In de groepen 7 en 8 wordt met kleinere groepjes of koppels gewerkt. Buitenspelen gebeurt alleen met de eigen klas en klassen worden niet gemengd;
  • Onderwijspersoneel dat lesgeeft aan groep 7 en 8 kan desgewenst een mondkapje of faceshield dragen. Dit is niet verplicht. Scholen krijgen het dringende advies om leerlingen van groep 7 en 8 een mondkapje te laten dragen buiten de klas, als zij geen afstand kunnen houden tot leerlingen uit andere klassen. Waar mogelijk worden in de school looproutes met eenrichtingsverkeer gemaakt;
  • Op school wordt alleen voor onderwijs, (onderwijsondersteunende) zorg en opvang van kinderen gezorgd. Activiteiten zoals teamdagen of ouderavonden vinden op afstand plaats, dus niet op school;
  • Leerlingen en medewerkers met klachten die passen bij het coronavirus worden naar huis gestuurd.

De school is open, tenzij…

  • De GGD adviseert om te school te sluiten i.v.m corona besmettingen en een te groot verspreidingsrisico;
  • De school organisatorisch geen andere mogelijkheid heeft dan te sluiten, omdat teveel personeelsleden ziek zijn of in quarantaine moeten, en er geen vervanging beschikbaar is.

Als cohortering voor een school niet mogelijk is, is dit geen reden om de school te sluiten.

 

Wanneer onderwijs niet fysiek mogelijk is, schakelen scholen over naar onderwijs op afstand. Een school meldt een tijdelijke schoolsluiting bij de Onderwijsinspectie via het meldpunt.

Nee. Met ingang van 8 februari gaan alle leerlingen weer zo veel mogelijk volgens reguliere schooltijden naar school. Hierop kunnen kleine uitzonderingen gelden als het gaat om gespreide begin- en eindtijden en het aanpassen van het rooster voor gymles om contact tussen groepen leerlingen te beperken.

Het uitgangspunt is dat scholen hun reguliere onderwijstijden aanhouden. Hierbij houden zij rekening met verschillende tijden om kinderen te brengen en halen. Dit is om het verspreidingsrisico onder ouders en verzorgers zoveel mogelijk te beperken.

Op het moment dat een leerling in een klas besmet raakt met corona, dan gaan alle leerlingen in een klas in quarantaine. Deze quarantaine duurt vijf dagen. Leerlingen kunnen zich laten testen, maar dat is niet verplicht. Kinderen kunnen niet worden getest zonder expliciete toestemming van de ouders. Wie vervolgens negatief test, kan weer fysiek naar school. Leerlingen die zich niet laten testen blijven vijf dagen langer in quarantaine. De dagen in quarantaine volgen de leerlingen afstandsonderwijs. Verder gelden de standaard regels. Zo hoeven huisgenoten van de kinderen en leerkracht die in quarantaine gaan niet thuis te blijven.

Wanneer een school heeft georganiseerd dat kinderen alleen contact hebben met een deel van de klas door vaste groepen te vormen, kan in overleg met de GGD bekeken worden of een deel van de leerlingen beschouwd kan
worden als overige contacten.

Niet altijd. Als een school heeft georganiseerd dat kinderen alleen contact hebben met een deel van de klas, bijvoorbeeld door vaste (kleinere) groepen te vormen, dan hoeven alleen de kinderen die als nauw contact gelden in quarantaine.

In dat geval kan in overleg met de GGD bekeken worden of een deel van de leerlingen beschouwd kan worden als overige contacten waarvoor geen quarantaine nodig is.

Nee. Voor basisschoolleerlingen van 4 tot 12 jaar geldt vanaf maandag 8 februari dat zij met alle klachten passend bij COVID-19 thuisblijven en zich kunnen laten testen. Dit geldt dus ook bij verkoudheidsklachten (zoals loopneus, neusverkoudheid, niezen en keelpijn). Dit hoeft niet als ze af en toe hoesten of bekende chronische luchtwegklachten, astma of hooikoorts hebben zonder dat ze last hebben van koorts en benauwdheid.

Als de kinderen tussen de 4 en 12 jaar zijn getest, dan blijven ze thuis in afwachting van hun testuitslag. Als die negatief is, mogen ze weer naar school. Mochten de kinderen bij iemand in huis wonen die besmet is of die naast milde coronaklachten ook koorts heeft en/of benauwd is, dan blijven ze thuis.

Kinderen met klachten die niet zijn getest, mogen weer naar de kinderopvang of school als ze 24 uur volledig klachtenvrij zijn. Ook als een kind met milde klachten zeven dagen na de eerste ziektedag nog steeds dezelfde klachten heeft, mag het weer naar school

Ouders zijn niet juridisch verplicht om een besmetting aan school te melden, dit valt binnen de privacyregels.

De GGD heeft de taak om het bron- en contactonderzoek uit te voeren en informeert op basis daarvan de nauwe contacten rondom de besmette persoon. De school stelt een eigen stappenplan op voor besmettingen of uitbraken op school. Hierin wordt vastgelegd hoe er met ouders gecommuniceerd wordt over een besmetting of uitbraak, met inachtneming van de privacyregels. Scholen helpen de GGD met het uitvoeren van het bron- en contactonderzoek, bijvoorbeeld door het bijhouden van klassenindelingen en -plattegronden en dagelijkse presentielijsten per klas/groep. GGD’en hebben een specifiek team school en jeugd dat hier ervaring en expertise in heeft.

Nee, kinderen worden niet op school getest. Het testen is op vrijwillige basis

Indien vanwege organisatorische redenen een school tijdelijk of voor bepaalde groepen geen fysiek onderwijs kan organiseren, wordt scholen gevraagd om zo mogelijk continuïteit te bieden. Dit kan door afstandsonderwijs maar ook door het geven van huiswerk.

Wanneer een behandelend (kinder)arts adviseert om niet naar school te gaan, ook niet met eventueel extra beschermende maatregelen, moet worden aangesloten bij de bepalingen zoals deze ook gelden voor leerlingen die vanwege een medische aandoening niet naar school kunnen gaan. Voor specifiek deze leerlingen zijn scholen verplicht om een alternatief onderwijsaanbod te verzorgen. Afstandsonderwijs kan dan een alternatief zijn.

Er is overleg tussen ouders, leerling en school nodig over wat daarin mogelijk is. Mochten ouders problemen ervaren in het overleg tussen school, ouders en leerling dan kan door de ouders contact worden opgenomen met de Inspectie van het Onderwijs.

Indien het verplichte onderwijsprogramma (deels) bestaat uit online of afstandsonderwijs, en een leerling daar niet aan mee doet, dan moeten scholen het ongeoorloofd verzuim in dat geval ook melden.

Als een arts concludeert dat het voor een gezinslid niet veilig is als een leerling naar school gaat, dan worden scholen dringend opgeroepen om het gesprek aan te gaan over alternatieve mogelijkheden, zodat de leerling onderwijs kan blijven volgen. De school kan bekijken of het mogelijk is om in overleg met de ouders toch bepaalde (aanvullende) veiligheidsmaatregelen te treffen waardoor de leerling toch naar school kan. Scholen zijn wel verantwoordelijk voor de continuïteit van het onderwijsaanbod voor alle leerlingen, en worden daarom verzocht zich in te spannen voor een alternatief voor fysiek onderwijs op school. Helaas zijn scholen zijn niet verplicht om afstandsonderwijs voor deze leerlingen te verzorgen.

In principe is de leerplicht gewoon van kracht, maar deze wordt niet gehandhaafd.

Het is belangrijk dat scholen eerst in gesprek gaan met de ouders en leerlingen om samen te kijken welke mogelijkheden er zijn voor het volgen van onderwijs. De leerplichtambtenaar kan hierbij helpen. Hoewel de leerplichtambtenaar dus betrokken kan zijn en een rol kan spelen in het gesprek tussen de school en ouders, wordt niet handhavend opgetreden.

De leerplichtambtenaar kan tijdens een gesprek verder onderzoeken hoe het dagelijkse leven van het gezin er momenteel uitziet en gaat samen met de ouders en de leerling op zoek naar een passende oplossing waarbij het belang van het kind voorop staat. De functie van de leerplichtambtenaar is daarbij gericht op gedeelde maatschappelijke zorg.

Ouders die kinderen van de groepen 1 tot en met 6 brengen en halen blijven buiten de school. Ook houden ze afstand en dragen ze een mondkapje. Kinderen van groep 7 en 8 komen zoveel mogelijk zelf naar school. Er zijn gespreide begin- en eindtijden en pauzes, om contacten te beperken.

Basisscholen hebben twee weken langer om het schooladvies vast te stellen. De scholen krijgen er dit schooljaar tot 15 maart de tijd voor.

Normaal gesproken zijn docenten verplicht om het schooladvies uiterlijk 1 maart in het onderwijskundig rapport op te nemen en dan aan ouders en leerlingen door te geven. Vanwege de lockdown en de aanstaande voorjaarsvakantie is het voor scholen lastig om voldoende informatie over de leerlingen te verzamelen en oudergesprekken te voeren over het schooladvies. Dat is de reden dat scholen meer tijd krijgen voor het schooladvies.

De inzet van het ministerie van OCW is dat de eindtoets in groep 8 van het schooljaar 2020-2021 doorgaat. Dit betekent dat voor leerlingen die de overstap maken naar het voortgezet onderwijs (vo) een objectief tweede gegeven bij het schooladvies beschikbaar is.

Basisschoolleerlingen en ouders/verzorgers die staan voor de keuze voor een middelbare school kunnen op alternatieve manieren kennismaken. Er wordt een beroep gedaan op de creativiteit van scholen. Als handreiking heeft de VO-raad een aantal praktijkvoorbeelden verzameld, zoals een virtuele tour, vlogs en chat om de sfeer van de school te laten proeven.

Kinderen t/m 12 jaar kunnen zich laten testen bij klachten passend bij COVID-19.

  • Kinderen die getest worden, blijven thuis totdat de uitslag bekend is.
  • Testen van kinderen jonger dan 12 jaar blijft dringend geadviseerd als:
  1.   de klachten niet (alleen) bestaan uit verkoudheidsklachten (bijv. als er ook sprake is van hoesten, koorts en/of benauwdheid), of anderszins ernstig ziek
  2. er een indicatie is in het kader van een bron- en contactonderzoek,
  3. het kind deel uitmaakt van een uitbraakonderzoek.
  • Kinderen t/m 12 jaar met alleen verkoudheidsklachten mogen naar de noodopvang (en straks weer naar school), maar moeten thuisblijven bij verergering van deze klachten met hoesten, koorts en/of benauwdheid of als zij getest gaan worden en/of in afwachting van het testresultaat.
  • De handreiking van het RIVM over het testbeleid voor kinderen tot en met 12 jaar is te vinden in de Handreiking bij neusverkouden kinderen.

Opvang van kinderen 

De kinderopvang, gastouderopvang – inclusief de naschoolse opvang (4-12 jaar) – en het basisonderwijs zijn per 8 februari weer regulier open. De BSO blijft voorlopig gesloten.

Wel biedt de BSO noodopvang. Ouders wordt gevraagd de rekening van de BSO door te betalen. Zij krijgen hiervoor een tegemoetkoming die de eigen bijdrage benadert. Ouders moeten er voor zorgen dat hun normale gegevens voor de kinderopvangtoeslag kloppen bij de Belastingdienst.

Meer informatie over kinderopvang lees u op de website van BOinK

Nu de basisscholen en kinderdagopvang weer open zijn, bieden zij geen noodopvang meer aan. Kinderen kunnen weer regulier naar school en/of dagopvang.

De noodopvang blijft beschikbaar zolang de BSO gesloten is. Kinderen die recht hebben op noodopvang zijn:

  • kinderen van wie één of beide ouders werken in een cruciale beroepsgroep;
  • kinderen voor wie vanwege bijzondere problematiek of een moeilijke thuissituatie maatwerk nodig is.

Specifieke informatie voor het passend onderwijs

Scholen voor speciaal onderwijs (so) en voortgezet speciaal onderwijs (vso) zijn weer open. Ook in het vso en praktijkonderwijs (pro) is de anderhalve meter afstand de norm, maar kan er in specifieke situaties van afgeweken worden. Dus houden leerlingen daar ook zoveel mogelijk anderhalve meter afstand behalve als dat niet kan.

Sommige leerlingen hebben op school hulp nodig bij toiletgang, fysieke begrenzing of medische handelingen. Hierbij is fysiek contact noodzakelijk. Deze leerlingen kunnen gewoon naar school. Bij het uitvoeren van medische handelingen zijn geen aanvullende beschermingsmiddelen of voorwaarden nodig anders dan die altijd voor deze handeling golden. Medische handelingen kunnen door onderwijspersoneel of extern zorgpersoneel worden uitgevoerd. Soms verzorgen ouders de (medische) zorg op school. In principe zijn ouders in deze periode niet welkom op school. Als ouders noodzakelijk zijn bij de (medische) hulpverlening van hun zoon/dochter – omdat anders de gang naar school belemmerd wordt – dan kan de ouder gezien worden als ambulante hulpverlener (die wel in de school komt voor de ondersteuning bij een individuele leerling). Om onduidelijkheid te voorkomen is goede afstemming met de school wel noodzakelijk.

  • De ritten van het leerlingenvervoer in het voortgezet speciaal onderwijs (vso) gaan door. Hiervoor gelden de volgende regels:
    • De chauffeur doet voor de rit een gezondheidscheck bij de kinderen.
    • Leerlingen hoeven geen 1,5 meter afstand te bewaren tot elkaar. Wel moeten ze zoveel mogelijk afstand bewaren tot de chauffeur. Als de 1,5 meter afstand mogelijk is, zijn er geen extra maatregelen nodig.
    • Leerlingen dragen zoveel als mogelijk een mondkapje.
    • De chauffeur draagt een chirurgisch mondkapje.

Ouders houden zoveel mogelijk afstand van het vervoersmiddel en de chauffeur en betreden het vervoersmiddel niet. De chauffeur zorgt voor het vastmaken van de gordel en het vastzetten van de rolstoel.

Voor kandidaten die deelnemen aan het staatsexamen, zoals leerlingen in het voortgezet speciaal onderwijs, geldt dat het eindexamen dit schooljaar doorgaat. Dit betekent dat voor elke schoolsoort en examenvoorziening (vo, vso, vavo en staatsexamen) minimaal alle verplichte eindtermen van het school/college-examen (SE) en centraal examen (CE) afgerond dienen te worden.

De maatregelen die gelden voor reguliere examenkandidaten, gelden ook voor staatsexamenkandidaten die in 2021 opgaan voor een diploma. Zij krijgen de mogelijkheid om het centraal examen te spreiden over tijdvak 1 en tijdvak 2. Verder komt er één extra herkansing voor het centraal examen en daarnaast één extra herkansing voor een college-examen. Dat betekent dat ze dit jaar, als ze daardoor alsnog kunnen slagen, twee centrale examens en twee college-examens kunnen herkansen.

Ook krijgen staatsexamenkandidaten de mogelijkheid om een eindcijfer weg te strepen en niet te laten meetellen bij de uitslag. Leerlingen die opgaan voor certificaten voor individuele vakken kunnen niet herkansen en hebben ook niet de mogelijkheid om een eindcijfer weg te strepen.

Meer informatie over uit welk onderdeel het college-examen per niveau en vak bestaat, vindt u op de website van DUO. Op de website van DUO vindt u ook het rooster van de examens.

Specifieke informatie voor het voortgezet onderwijs

De scholen gaan vanaf 1 maart weer open.

Leerlingen mogen mimimaal 1 dag per week naar school en zoveel meer als verantwoord is. De regel om anderhalve meter afstand te houden, geldt voor de gehele school.

De volgende groepen leerlingen blijven wel volledig les op school krijgen:

  • Examenleerlingen;
  • Praktijkgerichte lessen;
  • Schoolexamens voor voorexamenleerlingen;
  • Leerlingen die zich in een kwetsbare positie bevinden. Voor deze laatste groep maakt de school de afweging om welke leerlingen het gaat. Net als in het voorjaar gaat in ieder geval om leerlingen voor wie thuis geen veilige of goede basis biedt, nieuwkomersleerlingen.

Ja, dit is voorlopig nodig uit voorzorg.

Voor het beroepsgericht onderwijs in het vmbo geldt dat de afstandsregel praktijkgericht onderwijs in de weg kan staan. Daarom hoeven leerlingen die praktijklessen volgen en de docenten die dit onderwijs verzorgen deze regel niet te volgen als het goed onderwijs in de weg staat.

In de komende weken wordt bezien hoe het onderwijs in na 7 februari vorm kan krijgen. Met nieuwe onderzoeksinformatie wordt later bepaald of het nodig is de afstandsmaatregel door te zetten.

In het voortgezet onderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs moeten leerlingen, studenten, leraren en ander personeel een mondkapje dragen als zij zich door het schoolgebouw bewegen. Het mondkapje kan af tijdens de les, wanneer leerlingen een vaste zit- of staanplaats hebben. Een docent hoeft geen mondkapje op in de klas, zolang er 1,5 meter afstand gehouden kan worden. Gym, zang, toneel, dans en bepaalde vormen van praktijkonderwijs zijn uitgezonderd van de mondkapjesplicht.

Bij de beroepsgerichte vakken in het vmbo en de praktijkvakken in het praktijkonderwijs wordt wel een mondkapje dringend geadviseerd in de les. Dit geldt voor specifieke lessituaties waar de anderhalve meter afstand tussen leerling en onderwijspersoneel niet te waarborgen is. Dit geldt alleen als het mondkapje de veiligheid van de lessen niet in gevaar brengt.

De plicht is vanaf december 2020 voor 3 maanden vastgesteld. Dit kan door de overheid worden verlengd.

Alle leerlingen moeten buiten de les een mondkapje dragen, met uitzondering van leerlingen in het voortgezet (speciaal) onderwijs die vanwege een beperking of een ziekte geen mondkapje kunnen dragen, of  door het opzetten daarvan ernstig ontregeld kunnen raken.

Hierbij moet gedacht worden aan leerlingen van wie de ademhaling te veel belemmerd wordt vanwege een longaandoening of aan leerlingen die vanwege een verstandelijke beperking of psychische aandoening ontregeld raken als zijzelf een mondkapje dragen.

Als bewijs kan de leerling bijvoorbeeld zijn hulpmiddel of medicatie tonen. Wat ook kan is een briefje van een arts, zorgverlener of zorgorganisatie, of een bewijs van een recente afspraak met een arts. Als maar aannemelijk is gemaakt dat uw kind niet aan de verplichting kan voldoen

Het is aan de schoolleiding in het voortgezet speciaal onderwijs om in overleg met de (G)MR (gemeenschappelijke medezeggenschapsraad) te bepalen voor welke situaties het dragen van een mondkapje reëel is.

Als een leerling wel op school verschijnt, maar geen mondneusmasker wil dragen (en dan niet vanwege medische redenen), dan is het op dat moment aan de school om eerst te bepalen wat er gaat gebeuren.

De school stelt zelf maatregelen op en gaat zelf over de sancties. Hierbij zorgt de school voor instemming met de (G)MR bij wijziging van het gezondheid- en veiligheidsbeleid.

De school kan ervoor kiezen om de volgende stappen te volgen:

  1. In overleg te treden met leerling en ouder
  2. Een waarschuwing te geven aan de leerling
  3. De leerling te schorsen
  4. Indien de leerling na schorsing, alsnog weigert tot het dragen van een mondkapje, volgt er een gesprek met de leerplichtambtenaar
  5. De casus wordt overgedragen naar de leerplichtambtenaar

Nee. Het schoolgebouw en de onderwijsinstelling zijn echt alleen voor onderwijs en overige activiteiten vinden op afstand of later plaats

Leerlingen komen zoveel mogelijk met de fiets of lopend naar school. Als dat niet lukt kan er gebruik gemaakt worden van het openbaar vervoer. Onderwijsinstellingen maken samen met vervoerders lokale of regionale afspraken om mogelijke knelpunten in het openbaar vervoer op te lossen. Op de website van de VO-raad staat het afsprakenkader ‘veilig vervoer vo’.

Besmettingsrisico’s rondom scholen moeten worden verkleind. Het terugdringen van bewegingen van leerlingen rondom de school kan door afspraken te maken met o.a. de gemeenten en lokale middenstand.

Door de uitbraak van het coronavirus is de landelijke eindtoets in het po en so het afgelopen schooljaar niet doorgegaan. Omdat schooladviezen niet bijgesteld konden worden, is een deel van de leerlingen mogelijk niet op het voor hen passende niveau in het vo gestart. Er is daarom met de vo-sector afgesproken dat vo-scholen dit schooljaar specifiek monitoren of deze groep brugklassers op het voor hen passende niveau onderwijs krijgen, en als blijkt dat dit niet het geval is, gericht actie ondernemen.

Er is veel aandacht voor het in kaart brengen en zo nodig inhalen van opgelopen achterstanden bij leerlingen. Deze inzet is onder andere belangrijk om ervoor te zorgen dat kwetsbare leerlingen de ruimte krijgen hun ontwikkeling te laten zien. Monitoring van de ontwikkeling, extra begeleiding en een ruimhartig doorstroombeleid staan bij de ondersteuning van leerlingen met achterstanden centraal. Scholen bepalen zelf op welke wijze zij invulling geven aan het monitoren van de leerontwikkeling van de leerlingen

Het eindexamen voor de algemene vakken gaat door in schooljaar 2020-2021, met uitzondering van het beroepsgerichte profielvak in het vmbo (zie hieronder). Dat betekent dat leerlingen zowel het schoolexamen (bij het staatsexamen: college-examen) als het centraal examen moeten afleggen. Dit geldt voor reguliere vo-scholen, het voortgezet volwassenenonderwijs (vavo) en het staatsexamen.

Er geldt voor de examens een aantal aanpassingen. Op onze website staat een overzicht.

Als een leerling ziek is of in thuisquarantaine zit, dan kan hij later het school- of praktijkexamen afronden. Dit moet gebeurd zijn voor het centraal examen van het betreffende vak.

Voor de kamerbrief over de examens van minister Slob (november 2020), zie de website van de Rijksoverheid.

Het beroepsgerichte profielvak in het vmbo wordt in het schooljaar 2020-2021 afgesloten met een schoolexamen in plaats van met een centraal schriftelijk en praktisch examen (cspe). De inhoud van het examen blijft hetzelfde. Bij het schoolexamen in het beroepsgerichte profielvak kunnen de scholen wel gebruik maken van de cspe’s, die door het College voor Toetsen en Examens (CvTE) beschikbaar worden gesteld.

Scholen die normaal gesproken geen schoolexamens afnemen voor het beroepsgerichte profielvak moeten hier dit schooljaar alsnog in voorzien. Het materiaal van het cspe wordt beschikbaar gesteld zodat scholen hier gebruik van kunnen maken bij het schoolexamen.

Specifieke informatie voor het mbo

Vanaf 1 maart gaan mbo’s weer gedeeltelijk open. 1 dag per week kunnen studenten lessen volgen. Regels voor praktijkonderwijs blijven zoals ze waren.

Ja, reizen van en naar de instelling door medewerkers en studenten wordt gezien als noodzakelijke reis. De afspraken over het spreiden van onderwijstijden en daarmee het gespreid reizen blijven uiteraard van kracht.

Ja, per 1 december is iedereen in het mbo en hoger onderwijs verplicht om buiten de lessen een mondkapje te dragen. Deze verplichting geldt in en rond de onderwijsinstelling en op andere locaties waar een onderwijsactiviteit wordt georganiseerd (bijvoorbeeld een praktijklokaal of examenlocatie buiten de school).

In sommige situaties kan het ook verplicht zijn om tijdens de les een mondkapje te dragen, bijvoorbeeld bij praktijklessen. Tijdens sommige praktijklessen is het onmogelijk om altijd 1,5 meter afstand te houden. Bijvoorbeeld bij de opleiding Verpleegkunde. Instellingen volgen per opleiding de adviezen van de beroepssector over de uitzondering op de 1,5 meter afstand. In dat geval draagt iedereen een mondkapje.

  • Studenten hoeven geen mondkapje te dragen op het moment dat zij op een vaste zit- of staanplaats deelnemen aan een onderwijsactiviteit. Studenten kunnen hun mondkapje dus afdoen in de les zodra zij op anderhalve meter afstand van elkaar zijn gaan zitten.
  • Als het dragen van een mondkapje een belemmering vormt voor de onderwijsactiviteit, is een mondkapje niet verplicht. Hiervan kan in ieder geval sprake zijn bij lichamelijke opvoeding, zang, toneel en dans. Of bij praktijkonderwijs waarbij het mondkapje een belemmering vormt. In dat geval kan de school voor (alternatieve) veiligheidsmaatregelen aansluiten bij de regels die gelden voor het werkveld en die bijvoorbeeld zijn vastgelegd in de brancheprotocollen
  • Een uitzondering op de mondkapjesplicht geldt ook voor personen die vanwege een beperking of ziekte geen mondkapje kunnen dragen, opzetten of daarvan ernstig ontregeld kunnen raken. Voorbeelden zijn personen die een verminderde arm-of handfunctie hebben en daardoor geen mondkapje op kunnen zetten, personen van wie de ademhaling te veel belemmerd wordt vanwege een longaandoening en personen met zintuiglijke beperkingen die gebarentaal spreken. Personen die zich beroepen op de uitzondering, zullen de beperking of ziekte aannemelijk moeten maken als de instelling of een toezichthouder hierom vraagt.

Nee, in het nieuwe studiejaar is geen tijdslot voor de lessen. Het tijdsslot dat geldig was sinds 15 juni (lessen van 11.00 uur-15.00 uur en na 20.00 uur), was geldig tot aan de zomervakantie. Wel gelden er nieuwe afspraken over het roosteren van de onderwijsactiviteiten. De instelling informeert studenten over die aangepaste roosters en spreidingsregels.

Ja, de 1,5-meter-afstandsregel tot elkaar geldt ook in en rond de gebouwen van de school. Alle RIVM-voorschriften zijn van toepassing op de instelling. Ook geldt dat studenten bij klachten thuis blijven. Elke instelling heeft een plan gemaakt om de spreiding van studenten zo te organiseren dat deze regels gewaarborgd kunnen worden. De instelling informeert studenten over de aangepaste roosters en de spreidingsregels per instelling.

Meer informatie

Voor vragen en persoonlijk advies kunt u bellen met ons adviespunt op 088-6050101. Meer informatie kunt u vinden op de website van de Rijksoverheid en de website van het RIVM. Met vragen kunt u ook terecht bij uw regionale GGD. 

De PO-raad stelde samen met de Brancheorganisatie Kinderopvang en Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang een gespreksleidraad op voor school en kinderopvang

Gerelateerde onderwerpen

Mondkapjesplicht op middelbare scholen

Vanaf vandaag moet iedereen van 13 jaar en ouder een mondkapje dragen in de openbare ruimte. Voor leerlingen op het voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs geldt de mondkapjesplicht binnen het schoolgebouw. Voor het basisonderwijs en speciaal (basis)onderwijs geldt dat mondkapjes niet nodig zijn.

Lees meer

Procedure coronabesmettingen voortgezet onderwijs

Er is een toenemend aantal coronabesmettingen in het voortgezet onderwijs. Verschillende scholen moesten afgelopen week de deuren sluiten omdat meerdere leraren of leerlingen besmet bleken. Het roept de vraag op wat eigenlijk de standaard procedure is als er corona uitbreekt op school.

Lees meer

Wat kunnen scholen doen voor leerlingen die niet naar school kunnen?

Intussen is duidelijk dat de coronaperiode ook dit schooljaar nog een poos aanhoudt. Er is een groep leerlingen die in deze coronacrisis niet naar school kan. Het risico voor de eigen kwetsbare gezondheid of dat van een huisgenoot is daarvoor te groot. Deze leerlingen zitten al een hele periode thuis en de verwachting is dat dit nog zeker een aantal maanden blijft duren.

Lees meer

Scholen hoeven niet dicht volgens ouders

Er komen steeds meer coronabesmettingen bij, maar meer dan drie kwart van de ouders met leerlingen in het voortgezet onderwijs wil niet dat alle middelbare scholen dicht gaan (76%). Meer dan een derde vindt dat ook niet nodig als er één of meerdere besmettingen zijn geconstateerd (65%). Welke maatregelen er gelden, hoe het onderwijs wordt gegeven en hoe scholen hier ouders over informeren vroegen we aan de ouders in het Landelijk Ouderpanel.

Lees meer

Belangrijke rol oudervertegenwoordiging tijdens coronacrisis

Het mondkapjesadvies, aangepaste schooltijden, voldoende afstand houden en ventilatie. Nu een tweede golf besmettingen van het coronavirus een feit blijkt, is het zaak dat de medezeggenschapsraad (MR) van de school duidelijk voor ogen heeft hoe zij kan inspelen op de ontwikkelingen.

Lees meer

Bron: Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap & Rijksoverheid, 2 februari 2021

Neem contact met ons op

Het adviespunt is bereikbaar voor al uw vragen.